De Franse verkiezingen _ coup d’état?

Vandaag is het 28 april 2017. Het is 5 dagen na de eerste ronde van de presidentsverkiezingen in Frankrijk en 9 dagen voor de tweede ronde. We zitten midden in een staatsgreep die met digitale middelen wordt uitgevoerd.

Het doel is om te voorkomen dat mevrouw Le Pen de verkiezingen wint, president wordt, een regering vormt, de grenzen herstelt, massa-immigratie beëindigt, Frankrijk uit de Europese Unie haalt en de noodlottige voorbereiding op een militair conflict met Rusland onderbreekt door Frankrijk uit de NAVO te halen.

In werkelijkheid heeft mevrouw Le Pen de eerste ronde gewonnen met 25,6%. Jean-Luc Mélenchon is waarschijnlijk tweede geworden met 19% en Emanuel Macron derde met 18,1%.

Volgens onze informatie zijn de resultaten van twee van de elf kandidaten digitaal gewijzigd.

Wij hebben geen juridisch sluitend bewijs, maar we ook zijn niet verplicht de officiële uitslagen voetstoots aan te nemen. Wij mogen zeggen wat wij vinden.

Het is een onacceptabele nalatigheid dat er geen onafhankelijke waarnemers bij de verkiezingen zijn benoemd, met name bij het digitale totaliseren van de resultaten.

Bij verkiezingen van historisch belang, en dat zijn dit, moet elke mogelijkheid tot fraude worden uitgesloten.

Reden is dat mevrouw Le Pen in de ogen van talrijke ambtenaren, techneuten, politici en bestuurders, onterecht als een gevaarlijke fascist wordt afgeschilderd. Zij wordt door links gezien als een soort Mussolini, zo niet mini-Hitler.

Als ik dat zo geloven en bij een stembureau zou werken, zou ik zelf de resultaten vervalsen om te voorkomen dat zo’n gevaarlijk iemand aan de macht kwam.

Mijn grootouders zaten in het verzet, de ene opa rommelde met papieren voor de pilotenlijn, de andere had joodse onderduikers, mijn oom deed dingen bij het gewapende verzet en mijn vader bracht als jochie van 14 berichtjes over naar het verzet.

Mijn tante vertelde mij na  de dood van mijn vader dat hij  eens de locatie moest doorbriefen van een huis waar Seys-Inquart op dat moment verbleef. Hij gaf het bericht door aan het verzet en daags erna werden beide huizen door de Britten gebombardeerd. Seys-Inquart was echter net weer weg, maar beide gezinnen kwamen om.

Ik denk dat dit mogelijk een reden is geweest dat mijn vader zijn studie bouwkunde heeft afgebroken en medicijnen is gaan studeren.

Als mevrouw Le Pen écht de  fascist zou zijn die zij volgens links is, zou ik het als mijn plicht zien om haar zelf om te leggen.

Maar dat is zij niet.

Zij is hoogstens een klassieke nationalistische politica. Haar programma is op dit moment verreweg het meest gematigde en meest redelijke, want het programma van Macron wil doorgaan met het afstaan van soevereiniteit aan Brussel, hetgeen op zich al een radicaal en ongrondwettelijk beleid is, en op advies van de mensen die zijn campagne gefinancierd hebben, meewerken aan de Kriegsaufbau tegen Rusland.

Mevrouw Le Pen is wél een gevaar voor gevestigde belangen binnen ‘het systeem’, dat zich logischerwijs zal verdedigen. En de eerste verdediging is het vervalsen van de verkiezingsuitslagen.

Er zijn nu twee mogelijkheden. Of men past de resultaten van de tweede ronde ook aan. Of men durft het niet aan om de resultaten van de tweede ronde ook te vervalsen. Dan zal er geprobeerd worden om met behulp van de suggestieve  werking die uitgaat van de gemanipuleerde peilingen, de kiezer ertoe bewegen om toch maar op Macron te stemmen of anders thuis te blijven. Echter is het tegendeel ook mogelijk, dat mevrouw Le Pen vanachter de rookwolk van de gemanipuleerde peilingen als nog aan kop over de finishlijn gaat.

 

 

De Franse verkiezingen _ de eerste ronde

De Franse presidentsverkiezingen van 2017 zijn nu reeds historisch.

Voor het eerst in de naoorlogse parlementaire geschiedenis hebben beide traditionele politieke partijen de tweede ronde niet gehaald. De partijen die 60 jaar lang afwisselend geregeerd hebben, zullen dit keer moeten toekijken.

Dat kan niet anders worden uitgelegd dan als een afwijzing van de gevestigde politieke orde.

Bovendien is, net als bij de Nederlandse parlementsverkiezingen, de traditionele sociaal-democratische partij compleet vernietigd. De kandidaat van de Parti Socialiste, Benoît Hamon, haalde 6,2% van de stemmen (!), minder nog dan de Partij van de Arbeid in maart met haar 9% van de stemmen.

Waar in Nederland vooral de links-liberalen van D66 en de milieupartij GroenLinks de linkse stemmen overnamen, is het in Frankrijk de extreem-linkse kandidaat Jean-Luc Mélenchon die het meest heeft geprofiteerd van de ineenstorting van de PS. Hij behaalde 19% van de stemmen, bijna 4 x meer dan de PS.

Resultaten 1e ronde

Deze twee resultaten staan buiten kijf.

Waar wij moeite mee hebben, is de uitslag. Volgens onze informatie zou Marine le Pen de eerste rond met 25,6% van de stemmen gewonnen moeten hebben. Macron zou tweede zijn geworden met 18,1%.

De officiële uitslag wijst anders uit, maar wij achten het onwaarschijnlijk dat er, gezien de belangen die op het spel staan en de hysterische overdrijving van het gevaar van extreem-rechts, niet op grote schaal ten minste geprobeerd zou zijn om Le Pen de eerste ronde koste wat kost niet te laten winnen, omdat ze daardoor de wind in de zeilen zou krijgen.

Het is wel een keer voorgekomen dat een van beide partijen de eindronde niet haalde. In 2002 verloor de PS de eerste ronde nipt van het Front National dat toen onder leiding stond van oprichter Jean-Marie Le Pen.

Jean-Marie Le Pen

Maar die ronde werd met 20% tegenover 17% gewonnen door de Jacques Chirac van de traditionele rechtse partij die toen RPF heette. Chirac won vervolgens de tweede ronde met 83% tegen 17%.

Jacques Chirac

Dit keer zijn de prognoses achter anders. Zij geven aan dat Emanuel Macron de tweede ronde met circa 60% zou winnen tegen 40% voor Marine Le Pen. Als dat zo zou zijn, zou Frankrijk in tweeën gesplitst worden, want dan zullen 20 miljoen Fransen op Le Pen gestemd hebben, op een beleid dat haaks staat op dat wat Macron wil. Daarna kan Macron niet meer zeggen dat hij de president van álle Fransen is.

Bovendien werkt het instabiliteit in de hand bij de kiezers die op Macron gestemd zullen hebben, als een groot deel dat doet om te voorkomen dat het Front National aan de macht kwam. Dus niet omdat ze het eens waren met zijn programma, maar om uitvoering van een ander programma te voorkomen . De geruststelling dat het presidentschap voor mevrouw Le Pen is voorkomen, zal bij deze groep kiezers snel plaatsmaken voor dezelfde ontevredenheid als vóór de verkiezingen.

Je zou kunnen zeggen dat Macron extra ruimte heeft gekregen om zijn programma naar eigen smaak in te richten, want omdat links verdeeld was en rechts besmet, kon hij als buitenstaander praktisch elk programma presenteren dat hij wilde, ongeacht wat de kiezer wilde. Daardoor mist een deel van zijn programma draagkracht.

Ook de 19% stemmen voor Mélenchon zijn wat dat betreft veelzeggend, dat hoe sympathiek Mélenchon als persoon ook is, zijn programma zou de Franse economie tot stilstand hebben gebracht: een vermeerdering van de staatsuitgaven met 170 miljard, een 32-urige werkweek, ontslagverbod, financiële transacties belasten, kapitaalverkeer controleren, een vaste salarisschaal voor alle bedrijven, verhoging van het minimumloon, veto-recht voor de ondernemingsraad, 100% inkomstenbelasting voor inkomens vanaf 400.000,- per jaar, álle gevangenisstraffen vervangen door taakstraffen, pensioengerechtigde leeftijd omlaag van 66 naar 60, woningen bouwen voor 1 miljoen Fransen die niet op zichzelf wonen, etc. Geen wonder dat dagblad Le Figaro hem “de Hugo Chavez” van Frankrijk noemde.

Als je op zo’n programma stemt, ben je behoorlijk wanhopig.

Maar de prognoses zijn de aflopen maanden al net zo vals gebleken, als de peilingen.

Laten we even kijken naar de situatie zelf, los van de cijfers: Marine Le Pen heeft volgens de formele uitslag 4% méér stemmen gehaald dan haar vader destijds en het verschil met de formele winnaar Macron bedraagt slechts 2%, in plaats van 4% destijds voor haar vader. Ten tweede is het Front National veranderd. De partij heeft het economische programma van links overgenomen en Jean-Marie is de partij uitgezet (!).

Ten derde was het in 2002 een strijd van rechts tegen extreem-rechts, en is het in 2017 een strijd tussen een midden-partij en een partij die niet meer serieus extreem-rechts genoemd kan worden. Marine Le Pen is zelfs geen voorstander van het sluiten van de grenzen. Zij is zelf vóór immigratie, maar tegen massa-immigratie. Zij heeft geen enkel probleem met Franse burgers van islamitische huize, mits zij het seculiere karakter van de republiek erkennen. Ze doet geen antisemitische uitspraken en heeft een speciaal comité opgericht binnen de partij, om de band met het joodse electoraat te verzorgen. In 2002 stemden 13% van de Franse joden op Marine Le Pen, en dat aandeel is alleen maar toegenomen.

Macron is van joodse afkomst, maar zijn onwil om de grenscontroles te herstellen en de influx van terugkerende IS-strijders aan te pakken, wekt weinig vertrouwen bij het joodse electoraat, waarvan er de laatste jaren steeds meer hun biezen pakken naar Israël.

Als Macron voor de Franse joden gaat doen, wat Barack Obama voor de Afro-Amerikanen gedaan heeft, kunnen de Franse joden inderdaad beter op mevrouw Le Pen stemmen.

Ook bij de Franse allochtonen doet Marine Le Pen het goed. Zij lijden onder hoge werkloosheidscijfers, gebrek aan orde in de allochtone wijken, waardoor bendes de dienst gaan uitmaken, ze worden aangekeken op radicale geloofsgenoten, kortom, ze hebben begrijpelijke redenen om op het Front National te stemmen.

En heel belangrijk – Marine le Pen is haar vader niet. Ze is advocaat van beroep, doet geen extreme uitspraken en heeft steun gekregen van haar nichtje Marion Le Pen, die net zo welbespraakt is als zijzelf en in het Franse parlement zit.

Marion Maréchal Le Pen

De partij wordt dus niet geleid door een straatvechter met een glazen oog, maar door twee welbespraakte blonde dames.

De campagne voor de tweede ronde is al begonnen en behalve Mélenchon hebben de belangrijke kandidaten hun steun al uitgesproken voor Macron.

Dat is een extreem riskante strategie, want in een Frankrijk, waar het overgrote deel van het volk genoeg heeft van het establishment, kan deze overweldigende steun onder banken, media en politici voor één bepaalde kandidaat wel eens het tegenovergestelde effect hebben.

De Franse verkiezingen _ het verloop

Morgen 23 april is de eerste ronde van de Franse presidentsverkiezingen. De uitkomst is moeilijk te voorspellen, omdat de peilingen niet meer volledig betrouwbaar zijn.

Bij de vorige twee belangrijke koersveranderingen in de Westerse wereld, de beslissing van het Britse volk om uit de Europese Unie te treden en de verkiezing van zakenman Donald Trump als president van de Verenigde Staten, hadden de peilingen zich ‘vergist’.

In werkelijkheid was er geen sprake van een onopzettelijke dwaling, maar van een bewuste of onbewuste beïnvloeding van de kiezers door relatief meer tegenstanders van Brexit en Trump te ondervragen, dan voorstanders. Daardoor werd de indruk gewekt dat het geen zin had om vóór Brexit of vóór Trump te stemmen en de kiezers, althans de twijfelende kiezers, beter thuis konden blijven. De bedoeling was natuurlijk om links te laten winnen.

Het bedrog was bij Brexit zo overtuigend, dat zelfs campagneleider van het ‘leave’-kamp Nigel Farage op de ochtend van het referendum dacht dat het ‘remain’-kamp zou winnen.

Nigel Farage

Wij hadden de verkiezing van Trump correct voorspeld en een opinie-artikel met die strekking aangeboden aan Reformatorisch Dagblad en NRC Handelsblad, dat werd geweigerd. De reden dat wij de uitkomst goed voorspeld hadden was dat wij geen vooringenomen, maar onafhankelijke peilers hadden geraadpleegd die de voorsprong van Trump correct in kaart hadden gebracht.

Donald Trump

In het geval van de Franse presidentsverkiezingen is alles in principe mogelijk. De extreem-linkse kandidaat Jean-Luc Mélenchon heeft in de laatste weken een opmars gemaakt, waardoor hij bij de vier kansrijke kandidaten is terechtgekomen. De aanslag in Parijs deze week zou echter weer gunstig kunnen uitpakken voor het Front National van mevrouw Le Pen.

Als men zich de verkiezingsstrijd – puur for the sake of argument – even voorstelt als een toneelstuk, dan valt een aantal dingen op.

Ten eerste had rechts de verkiezingen gemakkelijk kunnen winnen als Alain Juppé, zoals een jaar geleden de verwachting was, de kandidaat zou worden. Om dat mogelijk te maken had François Fillon zich moeten terugtrekken. Dat heeft hij echter niet gedaan.

Alain Juppé

Fillon deed dus toch mee en won tot ieders verrassing de rechtse voorverkiezingen. Hij is een typische gentleman, maar was chantabel, omdat hij te veel kadootjes had aangenomen. De Westerse democratieën zijn helaas dermate corrupt geworden, dat politici nog voordat zij kandidaat kunnen worden, lijken in de kast moeten verzamelen, zodat ze chantabel en dus ‘betrouwbaar’ worden. Betrouwbaar, that is, in de ogen van de banken, bedrijven en netwerken die hen financieel of via de media steunen.

François Fillon

Doordat Fillon zich noodgedwongen in de watten heeft laten leggen met maatpakken, horloges en schenkingen dan wel renteloze leningen, en met fictieve aanstellingen voor zijn familieleden, is het mogelijk geworden om hem op het juiste moment af te schieten, zodat iemand anders gelanceerd kon worden. Dat is een van de subtiele manieren, waarop de representatieve democratie gemanipuleerd kan worden.

Daardoor kon Macron – die zich waarschijnlijk geheel niet bewust is van dergelijke achtergrondmanoeuvres – à la Obama uit het niets gelanceerd worden.

De captains of industry die Macron steunen rekenen erop dat hij door zijn onervarenheid afhankelijk zal blijven van de adviseurs die hij in ruil voor hun financiële steun zal moeten benoemen. Zij menen daarmee een kandidaat uit hun zak te hebben getoverd, die onafhankelijk lijkt, maar indirect toch van hen afhankelijk is.

Als een kandidaat geen steun heeft vanuit de fianciële wereld, de politiek en de media, is het moeilijk voor hem om zonder eigen media-platform ook maar als kandidaat gekozen te worden. Voorbeelden daarvan zijn Jacques Monasch in Nederland, die zonder mediasteun niet eens in de kamer kwam, terwijl een onzinpartij als ‘Denk’, die wel media-aandacht kreeg, nota bene drie zetels haalde.

Een ander voorbeeld is Dominique de Villepen, die door zijn onafhankelijke opstelling tijdens de laatste Golfoorlog en zijn historische toespraak in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties in februari 2003 een ongekend prestige bij het Franse electoraat had opgebouwd.

Dominique de Villepin

De gematigd conservatieve De Villepin stelde zich kandidaat voor de presidentsverkiezinge van 2012, maar kwam tussen twee vuren te zitten: een politiek gemotiveerde rechtzaak aan de ene kant, waardoor twijfel werd gezaaid omtrent zijn integriteit, en een subtiele discrediteringscampagne door het centrum-rechtse dagblad Le Figaro, het blad van industrieel en wapenhandelaar Serge Dassaut.

Serge Dassaut

Hij werd later netjes gerehabiliteerd, maar het was op het moment van de verkiezingen net genoeg om Nicolas Sarkozy te laten winnen.

Prikt men door de uiterlijkheden heen en neemt men de moeite om de verkiezingsprogramma’s van de twee leidende kanidaten Macron en Le Pen door te lezen, dan valt op dat deze verkiezingen eigenlijk over de onafhankelijkheid van Frankrijk gaan, over de positie van Frankrijk in Europa en in de wereld.

Mevrouw Le Pen heeft haar partij in de tussentijd naar links opgeschoven en haar vader uit de partij gezet, waardoor het Front National weliswaar haar naam behouden heeft, maar inhoudelijk haar extreem-rechtse karakter verloren heeft en in tegenstelling tot De Villepin een serieuze kans maakt.

De kandidaat van de media, de sympathieke Emanuel Macron, heeft het politiek midden bezet, dat was opengevallen doordat Bernard Hamon op de linkervleugel van de Partie Socialiste zat en Fillon op de rechter vleugen van Les Républicains.

Maar dat is een groot risico. Indien de rechtse campagne niet was gesaboteerd door de onthullingen van de Canard Enchaîné, zou Fillon de verkiezingsrace met de wind in de rug, een glaasje Vouvray in de ene hand en met de andere hand los op het roer uitgezeild hebben.

Het Franse electoraat was immers door het economisch rampzalige beleid van Hollande (extreme belastingverhogingen, hoge werkloosheid, homo-adoptie) uitgekeken op zowel ‘links’, als het ‘midden’. Hollande heeft het voor elkaar gekregen om het zogeheten ‘slingereffect’, dat inhoudt dat het electoraat in tweepartijenstaten na twee ambtstermijnen van de ene partij, doorgaans de andere partij een kans geeft, reeds na één ambtstermijn op te laten treden.

Een gematigd rechtse kandidaat van het type Juppé had de verkiezingen op zijn sloffen gewonnen.

Doordat Fillon echter bleef zitten, en Juppé hem niet wilde afvallen, is de hoop van diegenen die Marine Le Pen van een verkiezingsoverwinning wilden afhouden, op de schouders van de sympathieke, maar onervaren Macron terechtgekomen.

Emanuel Macron

Macron zou op zijn beurt mevrouw Le Pen kunnen verslaan, indien hij een gematigd rechts programma zou presenteren, waarin hij een deel van de standpunten van mevrouw Le Pen zou opnemen. Daarmee zou hij haar de wind uit de zeilen nemen en, met een glaasje cider in de ene hand en zijn andere hand in die van zijn 64-jarige echtgenote, op zijn slippers de verkiezingen in de tweede ronde winnen.

Maar dat deed hij niet.

Hij heeft het midden gekozen precies op het moment dat de Fransen kiezers naar rechts willen.

Linkse corifeeën als voormalig premier Manuel Valls en voormalig burgemeester van Parijs Bertrand Delanoë hebben de partijdiscipline doorbroken door niet hun eigen kandidaat Hamon te steunen, maar Macron.

De leider van de nep-onafhankelijken, François Bayrou van Modem, had hem al eerder gesteund.

De uitgaande president Hollande steunt hem niet, omdat die hem daarmee volgens de media de “kus des doods’ zou geven.

Macron heeft een nogal vaag programma, dat u zelf kunt nalezen als u daar meer over wilt weten, waarvan de kernpunten zijn dat hij lid wil blijven van de EU en van de NAVO, niet uit de euro wil stappen, wil doorgaan met het sluiten van internationale handelsverdragen, geen grenscontroles wil en geen beperking van de immigratie, geen afschaffing van de sancties tegen Rusland, etc.

Daaardoor is een tegenstelling ontstaan van ‘globalisme’ (Macron) tegenover ‘soevereinisme’ (Le Pen), die de verkiezingen spannend maakt.

Want daardoor is de mogelijkheid ontstaan dat het establishment zijn eigen hand overspeelt. Door volledig te vertrouwen op de sympathieke Macron en hem zijn gang te laten gaan op het politieke midden, ontstaat een perspectief voor mevrouw Le Pen om alsnog te winnen.

De reken-gnoom van het Centre National de Recherches Scientifiques, Serge Galam, heeft uitgerekend dat het ‘glazen plafond’ voor mevrouw Le Pen scheurtjes begint te vertonen.

Serge Galam

Normaliter wint geen van beide kandidaten meer dan 50% van de stemmen in de eerste ronde, waardoor een tweede ronde noodzakelijk wordt.

Tussen die rondes in, gaan de kandidaten ‘shoppen’ om steun bij de verliezers van de eerste ronde. Die steunen dan de ene of de andere kandidaat, die daarmee de tweede rond kan winnen.

De verwachting is dat mevrouw Le Pen misschien de eerste ronde zal winnen, maar dat zij daarna nauwelijks steun zal krijgen van partijen, wier kandidaat niet naar de tweede ronde doorgegaan is. Dat wordt ‘het glazen plafond’ genoemd. Daardoor – en doordat hun kiezers dan massaal met tegenzin op Macron zouden gaan stemmen om te voorkomen dat extreem-rechts aan de macht raakt – zou Macron dan de tweede ronde alsnog winnen en president van Frankrijk worden. Varkentje gewassen.

Reken-kobolt Galam, die met wiskundige formules menselijke sentimenten probeert te vangen, heeft echter uitgerekend dat er onder de huidige omstandigheden, – de kiezers van Marine le Pen zijn vastberaden, die van Macron weifelachtig, de Fransen hebben het helemaal gehad met de politiek -, een statistische mogelijkheid bestaat dat mevrouw Le Pen de tweede ronde tóch zal winnen, namelijk indien er een extreem lage opkomst is. Dan zou het shoppen voor het eerst in de naoorlogse parlementaire geschiedenis niet werken.

Maar er is nog een andere mogelijkheid. Die komt van de elfjes, die niet in de aardkrochten leven, maar op de bloemen en daarom meer weten van de wind die er waait. Van briesjes, vlagen en stormen.

Marine Le Pen

Die luidt dat Marine le Pen, door haar overwinning in de eerste ronde – mits zij die behaalt – de wind in de zeilen krijgt. Door die overwinning zou er een dynamiek kunnen ontstaan in de laatste weken voor de beslissende verkiezing, waardoor zij alsnog zou winnen, zoals dat bij Donald Trump gebeurd is.

De Franse verkiezingen _ het speelveld

Het speelveld lijkt wel een horoscoop die maar eens in de zo veel tijd voorkomt: Bernard Hamon, de socialistische kandidaat met de vriendelijke stem en duistere ogen, zit op de linkerflank van zijn partij. François Fillon zit op de rechtervleugel van zijn partij, waardoor er een gat in het midden valt.

Die ruimte wordt opgevuld door een onafhankelijke kandidaat, die min of meer uit het niets is verschenen, namelijk Emanuel Macron. Macron is onafhankelijk in de zin dat hij geen lid is van een van de twee mainstream-partijen die sinds de jaren zestig, zij het onder wisselende namen, steeds aan de macht zijn geweest.


Emanuel Macron met zijn echtgenote Brigitte Trogneux.

Hij is wel korte tijd minister geweest in de demissionaire regering Hollande, maar hij is er op tijd uit gestapt en heeft zijn eigen partij, En Marche!, opgericht.

Macron was dermate onbekend dat NRC Handelsblad per ongeluk de verkeerde foto van hem op haar website publiceerde, die de redactie overigens, nadat wij haar daar op gewezen hadden, terstond heeft verwijderd.

Het centrum-rechtse dagblad Le Figaro behandelde Macron met fluwelen handschoenen. De Franse media kozen al lang voor de verkiezingen, namelijk voor Macron. Zij werken mee aan het imago dat Macron van zichzelf uitdraagt, dat van een onafhankelijke, verantwoordelijke, maar gematigde kandidaat.

Zijn verleden als investeringsbankier bij Rothschild & Cie wordt niet ter tafel gebracht, terwijl toch onderzocht mag worden of hij een pion van de bankiers is, of dat hij oprecht Frankrijk op alle niveau’s wil vertegenwoordigen. Bij zijn bezoek aan de Verenigde Staten gingen als bij toverslag alle deuren voor hem open en in Duitsland werd hij ontvangen door mevrouw Merkel. Daarmee werd de indruk gewekt dat de belangrijkste Europese partner van Frankrijk, Duitsland, impliciet Macron zou steunen.

Fillon zag zich zelfs genoodzaakt om publiekelijk te beweren dat hij óók de steun van de bondskanselier genoot, waarmee hij Le Figaro niet wist te overtuigen.

Macron is een sympathiek persoon. Hij komt echter uit het niets en we weten niets van hem, net zoals Barak Obama in 2008. Obama was ook een charismatische persoon, maar hij is uiteindelijk een van de slechtste Amerikaanse presidenten ooit geworden. Oplopende staatsschuld, meer oorlogen dan welke andere president dan ook voor hem, verwoesting van Lybië, destabilisering van Syrië, vernietiging van de Amerikaanse rechtstaat, bijna-oorlog met Rusland, krankzinnige drone-aanvallen op civiele doelwitten, etc.

Macron is zeer sympathiek, maar het is bijna ‘too good to be true’. Het probleem is dat hij geen achterban heeft, dat niet duidelijk is – en niet onderzocht wordt – wat zijn achterban is, en dat hij zelf heeft geweigerd om bekend te maken wie zijn verkiezingscampagne heeft bekostigd.

Dat maakt hem een soort Obama. Geen zwarte, maar een joodse Obama. Obama had zijn opdracht, namelijk om de menselijkheid terug te brengen in de binnenlandse en buitenlandse politiek van de VS, maar hij heeft die opdracht verkwanseld vanaf het moment, dat hij weigerde om de gevangenis op Guantanamo Bay te sluiten. Hij was natuurlijk chantabel, omdat zijn biologische vader Frank Marshall Davis was, en niet Barak Obama uit Kenia, en hij was bang dat hij de volgende Kennedy zou worden, maar dat maakt niet uit. Hij had zijn opdracht kunnen uitvoeren.

Macron heeft waarschijnlijk ook zijn opdracht voor Frankrijk, maar tot nu toe lijkt hij die niet te aanvaarden, maar eerder aan de leiband te lopen van adviseurs die van hem een centrum-kanidaat willen maken die niets gaat doen tegen de (islamitische) immigratie en de dictaten uit Brussel.

Macron heeft waarschijnlijk geen skeletten in de kast, daar lijkt hij veel te netjes voor, hoewel er een ding opvallend is: hij is, zou Freud zeggen, getrouwd met zijn moeder, namelijk met een 24 jaar oudere vrouw, die op de middelbare school zijn lerares Frans was. Macron is 39 en zijn vrouw is bijna 65. Dat scheelt een hele generatie! Dat is vreemd. Daarmee lijkt hij op Mark Rutte, die ook niet in staat is tot een normale seksuele en amoureuze relatie met een leeftijdsgenoot.

Degene die al sinds het begin de peilingen leidt, is Marine le Pen. Zij heeft het meest vooruitstrevende programma.
Punt een (van de 144) is het herstel van de soevereiniteit van Frankrijk in politiek, wetgevend, economisch en fiscaal opzicht, en het herstellen van de controle over de grenzen van Frankrijk. Mevrouw Le Pen wijst voert voortreffelijk oppositie. Ze wijst erop dat mevrouw Merkel 500.000 migranten ‘kwijt’ is, waarvan een aanzienlijk deel de grens met Frankrijk overgestoken is, dat er jaarlijks 250.000 migranten Frankrijk binnenkomen, – dat is 1 miljoen elke vier jaar, 2,5 miljoen per decennium (!) – de illegalen niet meegerekend. Ze wijst erop dat de vermeende plegers van de aanslagen in Frankrijk onder haar beleid het land niet eens ingekomen zouden zijn en hoeft niet eens te wijzen op de oververtegenwoordiging van immigranten in de criminaliteit, want dat is een publiek geheim.

Ze stelt dat een land, waarvan de wetten in het buitenland (Brussel) gemaakt worden, in feite niet meer soeverein is, en stelt voor Franse wetten weer boven ‘Europese’ wetten te laten gaan. Ze belooft de Franse markten te beschermen tegen goedkope buitenlandse concurrentie door traditioneel protectionistische maatregelen, zoals importheffingen.

Ze wil de onafhankelijkheid van Frankrijk herstellen, binnen of buiten de EU, gaat Frankrijk uit de NAVO halen en de onafhankelijkheid van Frankrijk herstellen en overweegt uit de eurozone te stappen.

Ze wil geen oorlog met Rusland, maar normale betrekkingen, gebaseerd op wederzijds respect en handel. Ze voeling houden met het electoraat door referenda te houden en burgerinitiatieven aan te moedigen.

Ook in de details is ze sterk. Ze wil de tolwegen nationaliseren, zodat je gewoon kunt doorrijden, zonder twee-drie keer je creditcard te trekken, en de schandalige praktijk van het naaien van de weggebruikers voor 2-3 kilometer te hard voor 45 euro en een punt aftrek van het puntenrijbewijs afschaffen.

Haar partij krijgt inmiddels de steun van vrouwen en van homoseksuelen, doordat zij het seculiere karakter van Frankrijk wil beschermen en daarbij geen concessie wil doen aan de eisen van radicale moslims. Het fenomeen van moslims in grote steden die openbare wegen overnemen en daar ostentatief gaan bidden, is onder haar presidentschap direct afgelopen. Deze schandalige praktijk, die de linkse burgemeester van Parijs Bertrand Delanoë ongestraft heeft laten opkomen, heeft geen plaats in een land, waar de openbare ruimte voor iedereen is, ongeacht afkomst of religie.

Ook afgestuurde studenten en ambtenaren beginnen haar in groeiende aantallen te steunen.

Marine le Pen is niet te vergelijken met Geert Wilders. Ze is advocate, doet geen opzettelijk provocerende uitspraken en kan voortreffelijk debatteren.

Te gast bij Hard Talk van de BBC droogt ze Stephen Sackur af, zeker geen lichtgewicht.

Ze draagt het idee uit van “l’Europe des nations”, waarmee ze hetzelfde bedoelt als Nigel Farage met “national democracies”, namelijk dat Europa bestaat uit landen die zelf hun wetten maken, hun eigen beleid maken en met elkaar handelsverdragen sluiten.

Te gast bij Alternative für Deutschland, in het kader van een congres van de ENL-factie in het Europese Parlement (Europe des Nations et des Libertés), waar zij een thuiswedstrijd speelt, weet ze, als Franse soevereiniste, de Duitsers tot vervoering te brengen.

Ze geeft blijk van een scherp observatievermogen en uitstekende analytische vaardigheden.

Bovendien is er inhoudelijk weinig in te brengen tegen haar boodschap, “la liberté et la sérénité” voor alle volkeren van Europa.

Als zij deze boodschap blijft uitdragen, kan zij, paradoxaal genoeg, de Jeanne d’Arc van Europa worden.

De Franse verkiezingen _ inleiding

De Franse democratie verschilt van de Nederlandse in twee belangrijke opzichten.
1 – In Frankrijk mag u uw burgemeester kiezen, alsmede de bestuurder van de provincie, waarin u woont en, stel je voor, het staatshoofd.
2 – Frankrijk kent een politiek stelsel dat de gekozen president veel macht verleent, ook wel de ‘monarchie présidentielle” genoemd.

U mag in Frankrijk niet direct de regeringsleider kiezen, maar wel de persoon die de regering benoemt en ministers kan ontslaan of overplaatsen.

De Franse verkiezingen houden Nederland een spiegel voor. In Nederland mag u weder het staatshoofd, noch de regeringsleider kiezen. U mag ook de bestuurder van uw provincie niet kiezen. Dat zijn door het ongekozen staatshoofd benoemde satrapen. Het soort dat in deel drie van de Divina Comedia van bij Dante in de eerste laag van de Hel zit: zij die nooit iets fouts, maar ook nooit iets goeds gedaan hebben.

U mag in Nederland het parlement samenstellen. U stemt niet op een persoon, maar op een partij. De grootste partij levert traditioneel de premier, maar dat staat nergens in een wet.

Kleine partijen kunnen in Nederland, anders dan in Frankrijk, in de Kamer komen en soms zelfs invloed uitoefenen. Daardoor wint geen enkele partij meer dan 50% van de stemmen en ontstaan, tot voor kort met bemoeienis van het ongekozen staatshoofd dat de informateur en formateur benoemde, coalitieregeringen van twee of meer partijen.

In Frankrijk kiest u eerst uw staatshoofd. Dat benoemt een premier en stelt een regering samen. Zes weken later kiest u vervolgens een parlement, dat het beleid van de door de president gekozen bewindslieden moet controleren. Die moeten natuurlijk samen kunnen werken en als dat in een extreem geval niet lukt, kan de president het parlement ontbinden en nieuwe verkiezingen uitschrijven. Dat leidt meestal tot een nieuwe samenstelling van het parlement, waar hij dan beter kan samenwerken. Het is gelijk aan een plebisciet, want als het volk voor een oppositioneel parlement kiest, zal de president de eer aan zichzelf houden.

Het Franse politieke systeem toont het gebrek aan democratie in Nederland aan, alleen al doordat het bestaat en functioneert. U mag in Nederland namelijk uw staatshoofd niet kiezen. U mag de persoon die de regering samenstelt evenmin kiezen. U mag ook uw burgemeester niet kiezen. U krijgt hem ook heel moeilijk weg, als u ontevreden bent over zijn functioneren. In Frankrijk wacht u een paar jaar tot de volgende verkiezingen en kiest dan een ander. In Nederland kunt u wachten tot u een ons weegt.

De Franse presidentsverkiezingen zijn op zondag 23 april. Elf kandidaten doen mee. Als een van die kandidaten meer dan 50% van de stemmen haalt, wordt hij of zij president. Maar door het grote aantal deelnemende kandidaten, wordt de 50% meestal niet gehaald. Dan is een tweede ronde noodzakelijk, die dit keer voor 7 mei gepland staat. Daarbij mogen de twee kandidaten die in de eerste ronde de meeste stemmen hebben gehaald, onderling uitvechten wie de volgende president of presidente van Frankrijk wordt.

De huidige verkiezingen verschillen in een aantal essentiële opzichten van die van de voorafgaande decennia. Ten eerste heeft de zittende president François Hollande zich niet beschikbaar gesteld voor een tweede ambtstermijn, omdat hij door zijn rampzalige economische beleid zo impopulair is dat hij daarmee zijn partij elke kans op een verkiezingsoverwinning zou benemen. De verwachting was dat zijn premier, de altijd correcte Manuel Valls, het stokje zou overnemen, maar Valls sneuvelde al in de linkse voorverkiezingen.

‘Voorverkiezingen’ is weer een woord dat in Nederland weinig herkenning roept.

In Frankrijk mag het volk ter linker en rechter zijde kiezen, wie zich namens de partij kandidaat zal stellen. Als wij dat in Nederland ook zouden hebben gehad, zou Jacques Monasch, zoon van een cardioloog, de establishment boy Lodewijk Asscher – telg uit een diamanthandeldynastie die stenen sleep voor het Britse koninklijke huis en tijdens de Tweede Wereldoorlog collaboreerde met de nazi’s – hebben kunnen uitdagen en zichzelf hebben kunnen presenteren als de kandidaat van het volk, om maar wat te noemen.

Op rechts werden de voorverkiezing gewonnen door François Fillon, die van 2007 tot 2012 in de regering van Sarkozy premier was. Fillon werd eind januari aangeschoten wild door een zeer goed getimede onthulling van het weekblad Canard Enchainé dat hij via de ogenschijnlijk fictieve aanstelling van zijn vrouw als parlementair assistent en van zijn niet afgestudeerde kinderen als juridisch medewerker, meer dan een miljoen aan belastinggeld voor zijn gezin had binnen geharkt.

Dat bleek slechts het begin. De Canard had nog meer pijlen op de boog en schoot er elke week eentje op Fillon. Fillon had 50.000,- euro gekregen van een superrijke zakenman, die hij haastig tot renteloze lening verklaarde. Fillon bleek een horloge van 40.000,- euro kado gehad te hebben, alsmede en een stelletje maatpakken ter waarde van enkele tienduizenden euro’s.

Er sneuvelden dus, nog voor de verkiezingsstrijd begon, drie staatsmannen, te weten François Hollande, voormalig president Nicolas Sarkozy en de voormalige premier en minister van Buitenlandse zaken Alain Juppé.

Als Fillon was opgestapt, zou Juppé de campagne op rechts alsnog hebben kunnen overnemen, met goede vooruitzichten om de verkiezingen te winnen. Maar Fillon bleef zitten, waardoor hij de kansen van traditioneel rechts in Frankrijk om zeep hielp.

Het gevolg daarvan is, dat de twee traditionele partijen op links en op rechts in feite uitgeschakeld zijn voor het presidentschap.

Dat maakt de situatie in Frankrijk uniek in heel Europa.

Voortplanting, voorlichting en vorming

Wat door de generatie van vóór de seksuele voorlichting weinig beseft wordt, is dat de inhoud van de voorlichting de afgelopen 10 jaar radicaal veranderd is.

Bij ‘seksuele voorlichting’ denken ouders aan wat ze zelf in de tweede klas van de middelbare school bij het vak biologie gehad hebben.

In mijn geval – het Johan van Oldenbarnevelt Gymnasium in Amersfoort rond 1980 – ging dat ongeveer als volgt:
We kregen een droge uitleg hoe de voortplanting werkte. Geslachtsgemeenschap, ejaculatie, zaadcel, eicel, conceptie, zwangerschap, saai, saai, saai. Er werd wat gegiecheld (meisjes), er werden wat onhandige grappen gemaakt (jongens) en dat was het. Het werd goed opgenomen, want de pubers waren er klaar voor.

Maar daar heeft de huidige voorlichting, los van het feit dat het niet aan pubers van 14, maar aan kinderen van 8 tot 12 wordt gegeven, niets te maken. Net zoals Nieuw Links na de overname van de Vrijzinnig Protestantse Radio Omroep in 1974 er bewust voor koos om de naam niet te veranderen, bijvoorbeeld in “Nieuwe Linkse Radio Omroep”, maar om de adjectieven ‘vrijzinnig’ en ‘protestants’ ter meerdere eer en glorie van de misleiding van de luisteraar te handhaven, zo hebben de zwarte apostelen van de seksuele verderving ervoor gekozen om het woord ‘voorlichting’ te handhaven.

De huidige ‘seksuele voorlichting’ beschrijft echter niet voortplanting, niet hoe kinderen worden verwekt en geboren, maar instrueert het gebruik van een condoom, het voorkomen van ongewenste zwangerschappen, bescherming tegen soa’s, het verschijnsel menstruatie, hoe je maandverbandjes, inlegkruisjes en tampons moet gebruiken, wat een natte droom is, wie er een grote leuter heeft en wie een kleine, het haar op en de omvang van de schaamlippen van de poes, et cetera. Er worden filmpjes vertoond van een roodharig meisje dat over een piemel peinst, die in de vorm van een stripballon in beeld gebracht wordt, van een meisje met een lip-piercing die een jongen tongzoent, en van een babyboomer die voor de klas die uitlegt wat een stijve piemel is.

Dokter Corrie doet op een skelet voor hoe je moet tongzoenen en gilt: “Piemel, piemel, piemel!”, etc.

Maar voordat u rustig kunt oversteken – let op: er kan nog een trein komen – komt achter de seksuele voorlichting de ‘seksuele vorming’ te voorschijn, het eigenlijke doel van de hele pedofiele exercitie.

Daar wordt aan de kinderen uitgelegd over neuken, vingeren, beffen, pijpen, aftrekken, klaarkomen, anaal, et cetera.

Lieve kinderen, je kunt ook in de aars of in de mond komen.

Seksuele vorming direct invoeren was natuurlijk niet gelukt, daarom is het gegaan via het opstapje van seksuele voorlichting. Als je een kind uitlegt wat menstruatie is, moet je het immers ook uitleggen wat pijpen en beffen is niet?

Heer, vernietig hen. Heer, vernietig hen, die onze kinderen trachten te verderven.

In de Orwelliaanse cultuur, waarin Nederland is afgezonken, betekent ‘seksuele vorming’ in werkelijkheid ‘seksuele misvorming’. Want de onderwijsporno brengt niet alleen schade toe aan de emotionele ontwikkeling van de kinderen, maar ook aan hun affectieve en seksuele ontwikkeling. In het gunstigste geval zullen ze bij hun ontmaagding moeten terugdenken aan meeste Theo of juf Merel, die hen hebben voorbereid op dit bijzondere moment. In werkelijkheid zijn ze meestal zo geschokt door de porno, dat ze een breuk van vertrouwen ervaren in het gezag van leerkrachten, en een gevoel van schending van hun intieme wereld, waar ze zich mee uiteen moeten zetten.

Er is bovendien een verband tussen de pedofilisering van de Nederlandse maatschappij en de radicalisering van Nederlandse moslims.

Als dit zo doorgaat, zou ik het begrijpen – in de rechtse betekenis van ‘begrijpen’, niet in de linkse betekenis van ‘goedpraten’ – als mijn Turkse vrienden Mustafa en Musa terug de moskee in zouden vluchten. Dat zou ik ook doen, als ik hen was.

Mustafa heeft zijn kinderen naar een katholieke school gestuurd, omdat hij de best mogelijke opleiding voor zijn kinderen wilde. Ik heb zijn dochter behoed voor blijven zitten, doordat ik had ontdekt dat ze tussen twee kleppende jongens in zat en de juf niet goed verstond. Ze was het stille, maar intelligente type. Tja, moeilijk om dat te herkennen in een Turks meisje, althans voor een politiek correcte linkse bitch die voor de klas staat en die Turkse leerlingen ziet als leden van een zielige sociale minderheid, in plaats van als individuen met een buitenlandse achtergrond die graag succesvol willen zijn in hun nieuwe vaderland.

Mustafa vroeg of zijn dochter ergens anders kon zitten, maar de juf was zo beledigd dat het drie weken moest duren en Mustafa rood moest aanlopen, voordat zijn dochter voorin mocht gaan zitten. In no time haalde de slimme meid vervolgens de achterstand in en, tegen de zin van de beledigde juf, ging ze toch over naar de volgende klas, waar ze inmiddels de beste cijfers haalt, met name voor talen.

Mustafa is een gematigde moslim. Hij is eigenlijk helemaal geen moslim, maar in de eerste plaats gewoon Mustafa, in de tweede plaats een man met een vanzelfsprekend eergevoel, in de derde plaats Nederlander, in de vierde plaats Turk en in de vijfde plaats iemand met een gematigde islamitisch geloofsovertuiging.

Maar wat moet hij, en wat moeten duizenden andere Turkse ouders, als hun kinderen op school met het ver voortgeschreden morele verderf van de Nederlandse cultuur geconfronteerd worden?

Integreren?

Mustafa is gematigd, hij heeft een innerlijke wijsheid en zal alle beproevingen doorstaan, maar er zijn talrijke andere moslims die zo walgen van het verderf van het Westen, dat ze liever radicaliseren dan accepteren, wat de gepedofiliseerde Nederlandse maatschappij van hen vraagt.

En ik begrijp elk van hen.

Link naar pedofilie gevonden

Dankzij de redactie van het NRC Handelsblad, die ons wees op de rol van het Rutger instituut in het “aanmoedigen” van lagere scholen om aandacht aan seksualiteit te besteden, hebben wij de link gevonden tussen de uit de hand gelopen seksuele voorlichting en de poging tot pedofilisering van de Nederlandse samenleving in de jaren ’70 en ’80.

Dit “kenniscentrum seksualiteit” blijkt de drijvende kracht achter het zieke idee om “seksuele voorlichting” te geven aan kinderen op lagere school (kinderen van 10 confronteren met pijpen, vingeren, anale seks, etc.). De voorzitter van de Raad van Bestuur van het Rutgers instituut is Andrée van Es.

Mevrouw van Es is geboren in 1953 en was vanaf 1975 verbonden aan de Pacifistisch Socialistische Partij (PSP), totdat die partij in 1989 opging in GroenLinks. Zij werd in 1981 verkozen in de Tweede Kamer en werd in 1986 fractievoorzitter van die partij.

Punt 28 van het verkiezingsprogramma 1981-1985 van de PSP luidde: “Afschaffing van de strafbaarstelling van abortus en vrijwillige euthanasie. Afschaffing van de strafbaarstelling van pedofilie.” De partij waar mevrouw van Es parlementariër van was, wilde pedofilie legaliseren!

De partij van mevrouw Van Es wilde overigens, bij monde van PSP-parementariër Bram van der Lek, zelfs kinderporno legaliseren.

De pedofilisering van de Nederlandse samenleving is op een haar na gelukt. In 1985 stelde VVD-minister van Justitie Korthals-Altes voor om seks mét – dus niet seks tússen – jongeren van 12 jaar te legaliseren. Daar kwam zo’n felle reactie op bij het niet-pedofiele deel van Nederland, dat Korthals-Altes het voorstel niet durfde in te dienen.

Korthals-Altes

In 1991 nam de Tweede Kamer een wetsvoorstel aan om van misbruik door volwassenen van kinderen tussen de 12 en 14 jaar een klachtdelict te maken, waardoor er geen vervolging meer mogelijk was, tenzij het slachtoffer een klacht zou indienen.

Bij de liberalisering van volwassen pornografie liet Korthals-Altes na om een verbod op de verspreiding en openbare tentoonstelling van kinderporno in de wet op te nemen, waardoor de handel in kinderporno tot halverwege de jaren ’80 in de praktijk vrij was.

In 1995 stelde een commissie van de Partij van de Arbeid met daarin Aad Kosto en Eric Jurgens voor om porno met kinderen tussen 12 en 14 ook tot klachtendelict te maken. Maar door de schok die de Dutroux-affaire teweeg bracht werd het tij gekeerd en in 1995 werd het klachtvereiste weer uit het strafrecht gehaald.

Aad Kosto

Het lijkt er nu op dat, nu de poging om de Nederlandse samenleving in zijn geheel te pedofiliseren is mislukt, er wordt geprobeerd om dat via één sector alsnog te bereiken, namelijk die van het onderwijs. Wat niet lukte via de politiek, wordt nu geprobeerd via de pedagogie. Niet verbazingwekkend overigens, want pedofielen trekken natuurlijk naar beroepen toe, waar ze met kinderen in aanraking komen, zoals bijen op de honing afkomen.

Dat gebeurt door instellingen als het Rutger instituut, in samenwerking natuurlijk met de inspectie van het onderwijs en met behulp van fanatieke, geïndoctrineerde linkse leerkrachten.

Laten we het Rutgers instituut eens nader bekijken. Het ‘meerjarenplan 2014-2017‘ van de moederorganisatie Rutgers WPF stelt dat Rutgers streeft “naar een wereld waarin ieder mens zijn of haar eigen seksualiteit op een vrijwillige, prettige, veilige en gelijkwaardige manier kan beleven.”

Dat is een verkapt programma voor pedofilisering, want er staat “ieder mens”. Er wordt geen uitzondering gemaakt voor pedofielen en er staat “beleven”, waarmee wordt bedoeld “in de praktijk brengen”, dus pedoseksualiteit. Om het maar niet te hebben over andere seksuele afwijkingen, zoals necrofilie en bestiafilie (respectievelijk seks met lijken en dieren).

Verderop in het beleidsplan volgt weer een ‘lekke’ formulering, die de deur open laat voor pedofilie: “Voor elk mens in de wereld zijn of worden relaties en seksualiteit een belangrijk deel van zijn/haar leven. Sommige groepen mensen hebben daarbij echter een moeilijker positie dan andere.”

Welke groepen mensen worden hier bedoeld? Homoseksuelen in islamitische landen? Waarom die dan niet genoemd? En waarom opnieuw geen uitzondering voor pedofielen, necrofielen en bestiafielen?

Waarom nergens een grens trekken?

Bij de opsomming van de principes van Rutgers WPF staat: “We weten uit onderzoek dat een grotere rol van mannen in de zorg voor hun naasten een belangrijke sleutel is voor structurele verbetering op het gebied van SRGR: voor vrouwen, kinderen en mannen zelf”.

SRGR staat voor “seksuele en reproductieve gezondheid en rechten”. Dus er moet structurele verbetering komen van
– “seksuele en reproductieve gezondheid en rechten” voor vrouwen
– “seksuele en reproductieve gezondheid en rechten” voor mannen
– “seksuele en reproductieve gezondheid en rechten” voor kinderen

Maar wat moeten kinderen met “reproductieve gezondheid” (= seks hebben zonder geslachtsziektes op te lopen), “reproductieve rechten” (= het recht om kinderen te krijgen) en “seksuele rechten” (= het recht om seks te hebben)? Daar zijn ze toch veel te jong voor?

Alleen pedofielen kennen aan kinderen “rechten” toe om seks te hebben, want daarmee plaveien ze de weg voor de vervulling van hun bewuste of onbewuste verlangen naar seks met kinderen. Er bestaat bovendien niet zoiets al het “recht op seks”, want seks is altijd afhankelijk van de toestemming van iemand anders.

Het idee van het “recht op seks” en “reproductieve gezondheid” voor kinderen kan alleen uit een pedofiel brein komen.

Hier moet natuurlijk een einde aan gemaakt worden. We zouden kunnen aandringen op het vertrek van de voormalige vaandeldraagster van de partij voor de pedofilisering van Nederland, de PSP, maar beter is om het Rutgers instituut in zijn geheel op te doeken.

Het eerste probleem met het Rutger instituut is namelijk dat het überhaupt bestaat. We hebben helemaal geen “kenniscentrum seksualiteit” nodig, zoals het instituut zichzelf noemt. Ten tweede heeft het instituut in Nederland alleen al 90 medewerkers (!) die allemaal van uw en mijn belastinggeld betaald worden, namelijk via een subsidie van het Ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Sport. Ten derde is het vreemd, dat Rutgers kantoren heeft in Indonesië, Oeganda en Pakistan. Wat moeten ze daar? Indonesische jongeren uitleg geven over het gebruik van condooms?

Op de website van het instituut lezen we dat ze in Indonesië “taboe’s” willen “doorbreken”. Maar opnieuw zonder uitzondering. Bedoelen ze nou alleen taboe’s op homoseksualiteit, of ook op pedofilie?

Er is bij mijn weten maar één afwijkende vorm van seksualiteit die moreel en juridisch toegestaan is, en dat is homoseksualiteit. Want die kent geen slachtoffers. Homoseksuele relaties zijn min of meer gelijkwaardig en vinden plaats tussen volwassenen. Alle andere afwijkende vormen van seksualiteit, met name seks met kinderen, zijn streng verboden, omdat ze schadelijk zijn voor de slachtoffers.

En wat weten we van het Rutgers WPF, waar het Rutgers instituut volgens zijn website uit voortgekomen is? De instantie die mogelijk de keuze voor mevrouw van Es heeft gemaakt?

Rutgers WPF, ook wel WPF of World Population Forum genoemd, is volgens Wiki in 1984 in Nederland opgericht door het echtpaar Dianda Veldman en Roy W. Brown.

Dianda Veldman
Roy W. Brown

Zij hebben een uitgebreid netwerk in binnen- en buitenland en zijn er in geslaagd zijn om tientallen miljoenen belastinggeld los te krijgen voor het Rutgers instituut, geld dat maar blijft stromen, terwijl talrijke andere sectoren in Nederland het moeilijk hebben en bedrijven en burgers al veel te veel belasting betalen.

De benoeming van mevrouw Van Es blijft problematisch. GroenLinks heeft de pedofiele standpunten van de PSP niet overgenomen, hoewel de partij in Duitsland wel voorop loopt bij de “Frühseksualisierung” van kinderen op lagere scholen aldaar. Maar mevrouw Van Es heeft zich, althans volgens een een artikel in HP De Tijd van 3 november 2011 , niet gedistantieerd van de pedofiele standpunten van de PSP. Het risico bestaat dus dat haar benoeming ook andere goedpraters van pedofilie aantrekt, want dat soort trekt naar elkaar toe. Net zoals daadwerkelijke pedofielen.

De overstap van bewuste en onbewuste pedofielen naar de softe sector van het onderwijs, verklaart waarom er zulk schunnig materiaal wordt aangeboden aan de scholen in het kader van de “Week van de Lentekriebels”.

De “kriebels” lijken meer in de broek van de pedo’s te zitten, dan in de klaslokalen van de lagere scholen. Kinderen hebben niet dat soort kriebels.

Het is weer het typische “wishful thinking” van de pedofielen dat kinderen ook seksuele gevoelens zouden hebben. Nogal wiedes, want dan zou er sprake zijn van een “gelijkwaardige” relatie tussen pedofielen en onschuldige kinderen. En dat opent de deur voor de ‘vrijwillige’ pedofiele relaties, die expliciet in het partijprogramma van de PSP genoemd werden en impliciet in het meerjarenplan van Rutgers WPF staan.

Zou het onderwijzend personeel van Nederlandse scholen niet zo langs ideologische lijnen gelijkgeschakeld zijn, dan zou er toch ergens één school moeten staan die weigert om aan “seksuele vorming” mee te werken? Of één docent die naar de media stapte om zijn onvrede te uiten over de schunnige en schokkende (beeld-)informatie waar kinderen mee worden geconfronteerd? Eén rechtvaardige in Sodom, die opkomt voor de onschuld, de goede smaak en de gemoedsrust van de kinderen?

Maar dat is niet het geval. Net zoals in de echte DDR is in de Onderwijs-DDR iedereen bang. Blij en bang. Blij dat ze met de nieuwe ideologische instructies een betere wereld kunnen bouwen door andermans kinderen te hersenspoelen, bang om vanuit hun geweten te handelen, bang om een afwijkend geluid te laten horen.

Wat er ook vanuit de linkse institutionele of media-hiërarchie naar beneden stroomt, het wordt kritiekloos opgenomen en doorgegeven. “Rien n’est plus dangereux que des idées généraux dans des têtes vides”, zei Frits Bolkestein bij de presentatie van zijn boek over het onverwerkte communistische verleden in Paradiso, over de lege linkse hoofdjes die door zijn boek geconfronteerd werden met de collaboratie van hun leiders met de moordzuchtige communistische dictaturen in het Oostblok.

Dat mechanisme is nog erger geworden. Het meest perverse is dat de juffen het meest meedogenloos zijn in de uitvoering van de pedofilisering, want vrouwen hebben over het algemeen juist het meeste inlevingsvermogen in de belevingswereld van kinderen. De juffen zijn meestal zelf ook moeder en zouden nooit toestaan dat hun kind getraumatiseerd wordt, omdat ze als moeder aanvoelen welke zaken niet goed zijn voor hun kinderen, althans op een bepaalde leeftijd.

Maar als de juffen voor de klas staan, handelen ze niet vanuit hun gevoel, maar vanuit hun opleiding, dat wil zeggen vanuit hun ideologische indoctrinatie en conditionering. Net als bij gehersenspoelde soldaten van het Rode Leger of de Wehrmacht, wordt door de ideologie het empathische vermogen uitgeschakeld. Ze worden tot robots, die in de zieltjes van de kinderen snijden zoals de Terminator 3 door het vlees van volwassenen snijdt.

Die ‘overname’ van de juffen door de ideologie is net zo angstaanjagend voor de kinderen, als de beelden die de juf laat zien.

Als kindjes kotsend de klas uit rennen, hetgeen meermaals gebeurt bij Lentekriebels als ze weer eens een piemel moeten natekenen of porno kijken op het Digibord, zijn ze getraumatiseerd. Ze willen weg, ze willen vluchten, omdat ze niet verder getraumatiseerd willen worden. Kindjes laten kotsen van walging is een vorm van ernstig psychisch misbruik. Het lichaam is zo geschokt en moet zo walgen, dat het de binnengekregen indrukken wil uitscheiden via de peristaltische beweging.

Bij kindjes lopen geestelijke en lichamelijke zaken door elkaar heen. De kindjes die tijdens Lentekriebels kotsend de klas uit rennen, en dat zijn er tientallen, worden in psychologisch opzicht verkracht.

Dat is puur misbruik. En dat is slechts de extreme uiting van wat meer dan de helft van de kindjes voelen.

Het feit dat leerkrachten dat niet aanvoelen en als terminators te werk gaan, is minstens net zo schokkend als de inhoud van seksuele ‘voorlichting’ zelf. Het gaat trouwens verder dan pedofilie, er zit ook een element van sadisme in dat knakken van die kinderzieltjes.

Alle richtlijnen worden zielloos en hersenloos uitgevoerd, niets wordt meer aan het hart getoetst. Het lijkt op die momenten één nihilistische machine. Een de morele grondlagen van de ziel vernietigende, voortrazende, nihilistische machine. Het Beest uit de Apocalyps.

De Onderwijs-DDR heeft geen zelfreinigend vermogen, anders zouden ze al lang de pedofiele pedagogen hebben verwijderd of tenminste hun ideeën niet hebben overgenomen. Het Kompetenzzentrum Sexualpädagogik van de Pädagogische Hochschule Luzern in Zentral-Schweiz, dat volgens hun richtlijnen uit 2011 kindjes al vanaf de geboorte (!) ‘seksuele opvoeding’ wilde geven, heeft jaren zorgeloos kunnen functioneren, voordat het door overweldigend protest van ouders – waarvan u niets gehoord heeft in de Nederlandse media – in 2013 werd opgedoekt.

De pedofielen waren in Zwitserland te snel gegaan met de uitvoering van hun programma, namelijk de pedofilisering van de Zwitserse samenleving. Ze hadden de steun van de de jongerenafdeling van de Zwitserse socialistische partij, die kennelijk ook geïnfiltreerd was door pedofielen, en was er in geslaagd om kinderen op de crèche te laten spelen met pluche dildo’s en vagina’s. Kinderopvangjuffen moesten kinderen leren om elkaar te strelen op hun erotische zones en deden dat ook. Tegen die en andere incongruenties zijn de ouders in het geweer gekomen door middel van een petitie die 92.000 handtekeningen ophaalde.

In Nederland is het gevaar echter net zo groot, zo niet nog groter, want hier hebben de pedofielen, – wijs geworden door de eerdere mislukte poging en door het voorbeeld in Zwitserland -, gekozen voor een geleidelijke aanpak. En die is best lastig tot staan te brengen. Want waar trekt u de lijn?

Ik weet het wel, want ik heb dit voorjaar vrijstelling gevraagd en gekregen voor mijn kind van deelname aan Lentekriebels.

Maar weet u het ook?

Waar trekt u de lijn?