Huiswerk

Huiswerkopgave van een school in Midden-Nederland deze maand:

[begin]

Opgave C. Kim en Tim

Kim en Tim laten hun hond Willem uit.
Plotseling komt een grote Deense dog aanhollen. Hij besnuffelt Willem even en hurkt in het gras om zijn behoeften te doen.
“Kom gauw mee, Willem”, zegt Tim nerveus.
Hij voelt zich niet op zijn gemak.
“Dat beest doet niks”, zegt Kim geruststellend.
“Dat moet je anders niet zeggen. Kijk die enorme hoop bij zijn achterpoten maar eens.

Vragen
1. Welk woord geeft aan dat Tim een beetje bang is?
2. Wat bedoelt Kim met Dat beest doet niks?
3. Wat bedoelt Tim met die enorme hoop?

[einde, cursiveringen in origineel]

De leerplicht wordt hier gebruikt om de blik van de kinderen langs de anale fantasieën te leiden van een anonieme viezerik ergens ergens achter een door overheidsgeld gesubsidieerd bureau, op het Departement of in een of andere linkse stichting, waarvan de natte winden uit zijn onderbuik, pardon de vruchten van zijn nobele pedagogische werk, door een perfect functionerende hiërarchische keten in het klaslokaal worden geleid.

Een nieuw hoofdstuk in de anale fixatie van bepaalde personen die aan de leerboeken mee mogen schrijven. De heerschappij van dit soort gedegenereerde levensvormen, die zo kenmerkend is voor een cultuur in verval, is natuurlijk mogelijk gemaakt doordat eerst alle niet linkse elementen uit de onderwijsprovincie op transport zijn gezet, waarna vervolgens na 30 jaar alleenheerschappij het slechtste van het slechtste in deze pleepot is komen bovendrijven.

Dit volgens het principe van de kakistocratie (pun intended), dat wil zeggen de “heerschappij van de slechtsten”, afgeleid van het Griekse woord κάκιστος (= slechtst).

Let op hoe de auteur, ongeduldig op zijn door de staat gesubsidieerde bureaustoel heen en weer draaiend, probeert om de kinderfantasie langs bepaalde beelden te voeren: het hurken in het gras om de hondenbehoefte te doen, de “erorm” hoop, benadrukt door het cursief, die “bij zijn achterpoten” ligt, fantastisch.

Je mag waarschijnlijk al blij zijn dat dit niet op het digibord als filmmateriaal tijdens de verplichte gezamenlijke lunch voorbij komt.

Maar laten we de zaken van hun positieve kant bekijken: hier worden op een ludieke wijze twee vakken vermengd tot een humoristische hybride, namelijk het vak taal en het onderdeel poepologie van het vak ontlastingskunde.

Het wordt tijd om de Alpheüs en de Peneos om te leiden, c.q. Maas en Waal.

Wie reinigt de Augiasstal van het Nederlandse schoolonderwijs?

[cursivering van de redactie]

De Volkskrant is een mannenbolwerk

De krant die zelf voorop loopt bij de gelijke participatie van vrouwen op de arbeidsmarkt in het algemeen en in topfuncties in het bijzonder, blijkt zelf maar een klein deel vrouwen in dienst te hebben.

Nemen we het colofon van 15 augustus 2015 als bron, dan blijkt dat de topposities door mannen worden bekleed.

De hoofdredacteur is een man, de plaatsvervangend hoofdredacteur is een man en de centrale redactie bestaat uit vijf mannen en één vrouw.

Overtuig uzelf: omdat je het tegenwoordig op basis van naam alleen nooit helemaal zeker kunt weten, hebben we de foto’s bijgesloten.

Hoofdredacteur
Hoofdredacteur
Vervangend hoofdredacteur
Vervangend hoofdredacteur

De centrale redactie:

Centrale redactie - 1
Centrale redactie – 1
Centrale redactie - 2
Centrale redactie – 2
Centrale redactie - 3
Centrale redactie – 3
Centrale redactie - 4
Centrale redactie – 4
Centrale redactie - 5
Centrale redactie – 5
He he, eindelijk een vrouw.
He he, eindelijk een vrouw.

Dus het staatshoofd, de premier en vijf zesde van het kabinet bestaat uit mannen. Dat is mager.

Bij de verslaggeverij doen vrouwen het beter, daar is het min of meer 50-50. Maar dat is het enige onderdeel van de redactie, waar de man-vrouw verhouding een afspiegeling van de bevolking vormt.

Bij de binnenlandse correspondenten gaat het weer mis: vijf mannen, één vrouw. Van de vrouwelijke participatie bij de buitenlandcorrespondentie word je ook niet vrolijk: twaalf mannen tegenover drie vrouwen.

Bij de politieke redactie is het zes tegen twee, bij de redactie economie is het tien tegen twee: meent men bij de Volkskrant soms dat vrouwen geen verstand van de economie hebben of konden ze niemand vinden?

De sportredactie, tenslotte, is een 100% mannenbolwerk.

Wat is de reden van de oververtegenwoordiging van mannen en de ondervertegenwoordiging van vrouwen bij de Volkskrant? Konden ze geen geschikte kandidaten vinden of hebben ze een voorkeur voor mannen?

Het blad zou de verhouding man-vrouw zo snel mogelijk weer in evenwicht moeten brengen.

En hoe zit het met de overige minderheden?

Is de Volkskrant percentueel gezien niet een stuk blanker dan de Nederlandse bevolking? Je moet in het colofon met een vergrootglas zoeken naar namen die duiden op journalisten van Marokkaanse, Turkse of Surinaamse afkomst.

En hoe zit het met de seksuele minderheden?

Hoeveel lesbische vrouwen hebben een plaatsje bij de Volkskrant? En hoeveel homoseksuele mannen?

Het zou de krant sieren als zij intern onderzoek zou verrichten naar de laatste twee categorieën (etnische en seksuele minderheden) en openheid van zaken zou geven.

Waarbij zij opgemerkt dat – hypothetisch gesproken – twee Surinaamse journalisten niet de noodzaak wegnemen voor een Turkse geluid of een Marokkaanse invalshoek. En dat – opnieuw hypothetisch gesproken – het feit dat er bijvoorbeeld twintig homoseksuele mannen werken, niet de rechten wegneemt van de lesbische vrouwen om ook proportioneel vertegenwoordigd te zijn in een van de grootste dagbladen van dit vooruitstrevende land.

Vladimir Boekovsky over de EU

Vladimir Boekovsky was een van de belangrijkste dissidenten van de Sovjet-Unie van na de oorlog. Met name in de jaren 1960 en 1970 toonde hij talrijke mensenrechtenschendingen van het sovjet-regime aan, waaronder misbruik van psychiatrie voor politieke doelstellingen.

De geschiedenis van de Sovjet-Unie (1922-1991) is veel te weinig bestudeerd en behandeld, en vooral te weinig begrepen, – met name wat betreft de financiële achtergronden van de eenpartijstaat en de voortdurende clandestiene steun vanuit het Westen – waardoor de grondslagen van dit systeem kunnen worden gebruikt om nieuwe superstaten te stichten onder een andere naam.

In deze video uit 2006 biedt Boekovsky een samenvatting van de overeenkomsten tussen de Sovjet-Unie en de Europese Unie. De overeenkomsten zijn in de tien jaar die sindsdien zijn verstreken niet kleiner, maar groter geworden.

Het doel van beide superstaten is hetzelfde: het vervangen van nationale staten door een multinationale superstaat met een nieuwe, transnationale identiteit. Daartoe moet eerst de soevereiniteit van de lidstaten volgens het principe van de salamitactiek – de negatieve geleidelijkheid – worden teniet gedaan.

Dat is reeds gelukt omdat sinds een decennium omstreeks 80% van de wetgeving uit Brussel komt. Een land dat zijn eigen wetten niet meer maakt, is in feite niet meer soeverein. De federale richtlijnen worden eenvoudigweg omgezet in nationale wetgeving. De nationale parlementen zijn daarmee in feite uitvoerende organen van de Europese Commissie geworden.

De tactiek van de machtsovername door de Europese Commissie is simpel: noem de dingen bij andere namen om het volk zand in de ogen te strooien: de Europese regering heet “commissie”, de ministers heten “commissarissen”, decreten heten “richtlijnen”, de eerste minister en regeringsleider heet “voorzitter” van “de commissie”, de Europese Grondwet heet “Verdrag van Lissabon”, etc. Verander tegelijkertijd de betekenis of functie van bestaande nationale instellingen, zonder de naam te veranderen. Nationale volksvertegenwoordigingen behouden hun naam, terwijl ze in feite hun kiezers in 80% van de gevallen niet meer vertegenwoordigen.

Hanteer naast elkaar namen die op elkaar lijken, maar waarachter verschillende organen schuilgaan, zodat mensen in verwarring raken, zoals “Europese Raad” (vergadering regeringsleiders van 28 lidstaten), “Raad van Europa” (de 28 lidstaten + 19 andere landen), “Raad van de Europese Unie” (vergadering van ministers lidstaten), “Raad van Ministers” (idem), “Raad” (ibidem), of “Europese Unie” en “Europese Economische Gemeenschap” (1958), “Europese Gemeenschappen” (1967) en “Europese Gemeenschap” (1993).

Snapt u het nog?

Vraag 10 collega’s op uw werk, wat het verschil is tussen
– de “Europese Raad” en de “Raad van Europa”
– tussen de “Raad van Europa” en de “Raad van de Europese Unie”
– tussen de “Raad” en de “Europese Raad”
– tussen de “Raad” en de “Raad van Europa”
– tussen “Europese Gemeenschappen” en “Europese Gemeenschap”

Zelfs 90% van de hoger opgeleiden zal dat niet weten. Waarschijnlijk weet minder dan 1% van de bevolking het antwoord op bovenstaande vier vragen die toch essentieel zijn voor een begrip van de wijze waarop de federale overheid in Brussel functioneert.

Het diabolische is echter dat er achter dat bewust opgetrokken rookgordijn een reële machtsovername gaande is, die gebaseerd is op deceptie en geleidelijkheid. Als iemand in één keer op je tenen springt, geef je hem een duw. Maar als iemand centimetertje voor centimetertje dichterbij schuifelt, wanneer duw je hem dan weg? En hoe voorkom je dat jij dan als agressor wordt aangemerkt? Je ruimte ben je dan kwijt en die krijg je niet meer zonder slag of stoot terug.

Sterker nog, als je je ruimte terug wilt, ben je “eurosceptisch”, “nationalistisch” of “extremistisch”.

Tegen de tijd dat de mensen erachter komen wat er achter het rookgordijn allemaal is besloten, is het toch al te laat voor hen om er iets aan te doen.

Boekovsky kent al die trucjes vanuit zijn verleden in de verschillende fases van de communistische dictatuur. Hij is waarschijnlijk de auteur van de term “EUSSR”, die de overeenkomsten tussen de EU en de USSR aangeeft. Voor de reden waaróm de EU zo op de SU lijkt, zie zijn interview in de Brussels Journal van 27 februari 2006.

Het laatste wapenfeit in de vernietiging van de nationale staten is het vluchtelingenbeleid van de Europese Unie. Doordat iedereen die één voet op Europese grond zet, mag blijven, worden behalve echte vluchtelingen ook vele miljoenen economische migranten binnengehaald. Die fungeren, zonder dat ze het weten, als invasiemacht die de traditionele structuren van de nationale staten onder het gewicht van hun aantal definitief moeten vertrappen.

Nadat de welvaartsstaat bezweken is onder de toestroom van de migranten en het woningbouwstelsel instort, zal er sociale onrust uitbreken, wordt de politie verrot geslagen door relschoppers, wordt de politie in reactie daarop vijandig tegen de burgers, krijgen korpsen extra bevoegdheden en extra wapens, en is de kans om het monster dat zich achter het Brussels rookgordijn verschuilt naar huis te sturen, verkeken.

Dan rest alleen nog het scenario dat Boekovsky schetst. De EU zal zich maximaal uitbreiden, totdat zij met heel veel ellende in elkaar stort.

Van Vladimir Poetin hebben we niets te vrezen

Weining staatslieden zijn meer door de media gedemoniseerd dan de Russische president Vladimir Poetin.

Vladimir Poetin
Vladimir Poetin

Enkele voorbeelden van voorpagina’s uit 2014:

“Putins power game. After invading Ukraine, what’s next for Russia?” in New Statesman

“Wladimir Grozny” (= Vladimir de Verschrikkelijke) in het Poolse tijdschrift Uwazam Rze Historia

“Imperium zla” (= Evil empire) in de Poolse editie van Newsweek

“Der Brandstifter” in Der Spiegel

“Ka apturet Putinu?” (= Wie stopt Poet af?) in het Letse tijdschrift ir.

Met foto’s van Poetin als officier van het Rode Leger (New Statesman), als Dracula (Historia), als travestiet / IJskoningin met lippenstift (het Tsjechische blad Reflex), in een dwangbuis (Newsweek polska), alsmede met Hitler-kapsel en het woord KRIM als Hitler-snorretje (ir). En ten overvloede, Poetin is de Oekraïne natuurlijk helemaal niet binnengevallen.

Dan hebben Amerikaanse critici van president Barack Obama toch meer gevoel voor humor. Trendsforecaster Gerald Celente noemt Obama “el Presdidente”, vanwege de beknotting van de burgerrechten in zijn ambtstermijn, waardoor de VS volgens Celente veel te veel op een zuid-Amerikaanse dictatuur gaat lijken. Bankiers, met wie Obama volgens hem twee handen op een buik vormt, noemt hij “banksters”, analoog aan “gangsters” en hij heeft voor regeringsgetrouwe journalisten de term “presstitutes” bedacht, een amalgaam tussen “press” en “prostitutes”.

Het punt is echter niet dat Poetin op smakeloze en schofferende wijze wordt afgebeeld, maar dat de redacties van deze en andere tijdschriften die Poetin demoniseren een ernstige inschattingsfout maken.

Want wie heeft er werkelijk de macht in Rusland?

Macht is niet dat een persoon formeel de belangrijkste bestuurlijke beslissingen neemt, maar dat wat door een persoon of groep gewild wordt, ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd. De vraag is dus hoe de beslissingen die door de president van de Russische Federatie worden genomen, tot stand komen. Zijn dat besluiten die de president in zijn werkkamer in het Kremlin, gebogen over zijn bureau, na rijp beraad neemt? Of zijn dat voorstellen van adviseurs die door de president gewoontegetrouw integraal of in gewijzigde vorm worden overgenomen?

Het probleem met het in kaart brengen van de macht in Rusland is, dat er van Poetin weinig met zekerheid bekend is. Er zijn meerdere CV’s van hem in omloop. Een daarvan plaatst hem in het centrum van de macht, zeggende dat zijn vader ook KGB-officier was en zijn grootvader kok van Lenin en van Stalin. Nu is voor een dictator geen enkele functie gevoeliger dan die van kok. Een kok kan immers altijd arsenicum door het eten doen, dus er is niemand in de entourage van een dictator in wie deze meer vertrouwen moet kunnen hebben dan de kok. Dat vertrouwen moet absoluut zijn.

Als dit verhaal klopt, zou dat de familie Poetin dus reeds onder de dictarors Lenin (1917-1922) en Stalin (1928-1953) in het centrum van de macht hebben gestaan. Dan is de spontane opkomst van Poetin niet zo spontaan als doorgaans wordt verondersteld.

Maar dat verhaal is niet bevestigd. Misschien klopt het, misschien niet. Wat wel is bevestigd, is het feit dat Poetin een relatief lage rang had onder de hoge officieren van de KGB, namelijk luitenant-kolonel. De vraag blijft dus: “Waar zijn de luitenant-generaals?”

Deze vraag kunnen we niet vandaag op ons blog beantwoorden. We mogen echter wel veronderstellen dat het tenminste mogelijk is geweest dat de luitenant-generaals van de KGB Poetin in de tweede helft van de jaren ’90 naar voren hebben geschoven. En mogelijk nog steeds “adviseren”, in die zin dat zij zelf buiten beeld blijven en Poetin een zekere speelruimte krijgt om zijn patriottisme tot uitdrukking te brengen, maar op hoofdlijnen “adviezen” van zijn voormalige superieuren moet overnemen.

De Russische sociologe Olga Krysjtanovskaja heeft in haar studie Анатомия российской элиты (anatomie van de Russische elite) uit 2005 meer dan 1000 CV’s van Russische topambtenaren bestudeerd en is tot de conclusie gekomen dat 80% van hen een verleden in de KGB had.

In het licht van die bevindingen hebben critici die Rusland als “KGB-staat” aanduiden geen ongelijk. Als Rusland echter inderdaad door de harde kern van de voormalige staatsveiligheidsdienst wordt geregeerd, is het hoogst onwaarschijnlijk dat Poetin de exclusieve auteur is van alle politieke beslissingen die hij in zijn functie als president van de Russische Federatie neemt.

Dan zouden we de vraagstelling kunnen versmallen en als volgt verwoorden: “Worden de adviseurs door Poetin aangestuurd of wordt Poetin door zijn adviseurs aangestuurd?”

Zoals gezegd kunnen we deze vraag niet met zekerheid beantwoorden. Wel kunnen we veronderstellen dat Poetin zeker niet in zijn eentje alle belangrijke beslissingen neemt, al was het alleen maar omdat geen enkel modern staatshoofd daar nog toe in staat is, ook niet de president van Rusland. Daarvoor is de politieke besluitvorming veel te complex geworden.

Waar zitten die voormalige KGB-generaals?

Alexei Kondaurov is als topanalist bij Yukos steenrijk geworden en is momenteel lid van de Doema, het Russische parlement, voor de communistische partij.

Alexei Kondaurov
Alexei Kondaurov

Nikolaj Tokarev werkte met Poetin samen toen die in de DDR was gestationeerd. Wie van de twee was de superior officer?

Nikolaj Tokarev
Nikolaj Tokarev

Sergej Tsjemezov, ook KGB-collega van Poetin in diens tijd in Dresden, is momenteel directeur-generaal van het staatsexportbedrijf voor wapens, Rosoboronexport. Hij controleert volgens sommigen in zijn eentje de Russische wapenexport.

Sergej Tsjemezov
Sergej Tsjemezov

Stel nou, puur hypothetisch, dat adviseurs van het kaliber van Kondaurov, Tokarev en Tsjemezov – en dan bedoelen we met nadruk niet deze personen zelf, maar personen van hun kaliber – in de praktijk Poetin aansturen in plaats van andersom?

Dat zou zo maar kunnen, maar in werkelijkheid ligt de waarheid waarschijnlijk in het midden. Sommige beslissingen worden exclusief door Vladimir Poetin genomen, andere komen tot stand op aandringen van adviseurs. Als Poetin echter zijn voormalige superieuren consequent en over langere tijd zou negeren, zou hij zich vervreemden van 80% van zijn topambtenaren, alsmede van talrijke topzakenlui en wordt zijn positie uitgehold.

Poetin heeft dus een zekere speelruimte, waarbinnen hij inderdaad naar eigen goeddunken belangrijke beslissingen kan nemen.

Daarom verdient Poetin juist alle steun van het Westen, want aan zijn patriottisme hoeft niet getwijfeld te worden. Beslissingen die door Poetin zelf genomen worden, zullen altijd door patriottisme worden ingegeven. Door wat hij zelf ziet als het belang van Rusland in een gegeven situatie.

Van buitenaf kan dat misschien opgevat worden als Russisch nationalisme, maar met nationalisten kan altijd goed zaken gedaan worden, omdat zij overzichtelijke en concrete belangen hebben: de positie van Russische minderheden in de voormalige sovjet-republieken, herstel van de nationale trots, Rusland moet weer serieus genomen worden door de andere grootmachten, handhaving dan wel verhoging van het levensniveau van de Russische bevolking, etc.

Als het aan Poetin zelf ligt, neemt het wederopgestane Rusland zijn waardige plaats in de wereld weer in. Hij heeft er geen persoonlijk belang bij om Rusland in een mondiaal conflict met de VS te drijven.

Van de motieven van de voormalige KGB-generaals kunnen we geen hoogte krijgen. Wat we wel weten is dat voor hen het Russische volk geen doel, maar een middel vormde. Het is niet uit te sluiten dat zij, voor zover ze nog in de oude sovjet-tijd gevormd zijn, nog behoren tot de harde kern van de toenmalige ideologische en militaire internationalisten. Er is immers in Rusland na de val van de communistische dictatuur nooit een zuivering geweest van de oude nomenklatoera. Jeltsin heeft een proces gevoerd tegen de communistische partij, maar hij is daardoor zo in de problemen gekomen dat hij gedwongen was om de voormalige KGB-kolonel Poetin als premier aan te stellen, omdat hij anders zelf in de gevangenis was beland.

De Sovjet-Unie heeft altijd een aanvallende militaire doctrine gehad die gevoed werd door de interne staatsideologie en was gericht op onderwerping van het Westen, met name van Duitsland. Voor kaders die in die geest zijn gestaald, is de totale weerloosheid van West-Europa op dit moment hét buitenkansje waar ze vroeger zo van gedroomd hebben.

De geschiedenis heeft geleerd dat nationalisten veel minder gevaarlijk zijn dan internationalisten. Dus 1000 keer liever Poetin, dan een stelletje voormalige generaals van de staatsveiligheidsdienst van een communistische dictatuur.

De strategische positie van Israël

Nu de lont in het kruitvat van het Midden-Oosten is gestoken, is het de moeite waard om naar de positie van Israël te kijken.

De ligging, omvang en vorm van Israël vormen vanuit het standpunt van landsverdediging een nachtmerrie. Israël is in feite onverdedigbaar. Dat leert een enkele blik op de landkaart.

State of Israel - vector map

Als men de bezette westelijke Jordaan-oever niet meerekent, dan is het land in het midden zo smal – nog geen 20 kilometer – dat het met een geconcentreerde aanval op die “wespentaille” gemakkelijk in tweeën gespleten kan worden. Dan kunnen de noordelijke en zuidelijke helft door de vijand omsingeld en afzonderlijk verslagen worden.

Bovendien is het omgeven door potentieel vijandige staten die een coalitie zouden kunnen vormen, waardoor het land op drie fronten oorlog zou moeten voeren. Dat is zelfs in theorie niet te winnen.

Nu is de directe dreiging van het afsnijden van noord en zuid in 1967 weggenomen door de bezetting van de Westelijke Jordaanoever, maar dat is een politiek gemeleerd gebied dat samen met Gaza de Palestijnse staat vormt en waar de instabiliteit als het ware ingebouwd is. Er wonen 2,8 miljoen Palestijnen en 350.000 joodse Israeli’s en alles hangt af van de wijze waarop die op een bepaald moment met elkaar omgaan.

De politieke inrichting van de Westoever is een tijdelijke constructie. Alles aan de inrichting van Israël lijkt tijdelijk.

De ligging van Jeruzalem is strategisch gezien de grootste nachtmerrie voor de Israel Defense Forces: het ligt deels op de Westoever aan de oostgrens van het land. Het is de meest heilige stad van het land, maar is door zijn ligging aan de grens nauwelijks te verdedigen.

De enige natuurlijk bondgenoot van Israel is de Middellandse Zee, waar geen dreiging van voormalige tegenstanders te verwachten is.

In het rapport “Israels strategic doctrine” van de Rand Corporation wordt het dilemma als volgt geformuleerd: “A single defeat may destroy the state. A single Israeli victory cannot settle the conflict. Israel may face a future of endless war.”

Vergelijken we Israël met Rusland, dan heeft Rusland het voordeel dat het een groot aantal nederlagen kan incasseren, zonder dat het verslagen wordt. Dat is tijdens de Napoleontische oorlogen en in de beide wereldoorlogen ook gebeurd. De vijand drong diep in Rusland door – Napoleon heeft zelfs Moskou ingenomen – maar het Russische leger trok zich simpelweg terug, desnoods tot achter de Oeral, teneinde de vijand later met tegenoffensieven of met partizanenacties te verwoesten, dan wel te demoraliseren en geleidelijk aan te verzwakken.

Israël, echter, is zo klein en smal dat het leger geen ruimte heeft om zich terug te trekken.

De defensieve strategie van Israel is volgens het rapport van Rand dan ook gebaseerd op conventionele afschrikking, dat wil zeggen dat een reële of vermeende vijand duidelijk gemaakt wordt dat hij een hoge prijs zal betalen en snel verslagen zal worden, indien hij tot agressie tegen Israël overgaat.

Maar in feite kan men een stap verder gaan en stellen dat Israel er ongeacht de politieke koers van het land op aangewezen is, om permanent alert te zijn en te vertrouwen op preventieve oorlogsvoering.

De veiligheid van het land hangt af van het vermogen om de voorbereidingen van potentiële vijanden nauwgelet af te lezen en, als die bedreigend worden, in een preventieve oorlog de desbetreffende vijand totaal te verslaan.

Dat is geen basis voor stabiliteit in de regio.

De situatie is, waar men ook de verantwoordelijkheid voor de spanningen in het Midden-Oosten neerlegt, op den duur onhoudbaar. Het is een permanente voedingsbodem voor radicalisme, buitenlandse inmenging en spanningen tussen instabiele staten.

Het feit dat Israel intern de meest moderne en democratische staat van het Midden-Oosten is, doet daar niets aan af.

Israel is, met alle sympathie voor het patriottisme van zijn inwoners, een onmogelijke staat. Het heeft maar twee opties op lange termijn: of het wordt weggevaagd door zijn vijanden, of het breidt zich uit tot de omvang van het voormalige koninkrijk van David, zoals sommige radicale rabbijnen willen, zodat het land tenminste verdedigbaar is.

DAVID'S KINGDOM AND CONQUESTS

Beide mogelijkheden zijn anachronistisch. De tragedie van de staat Israël is dat zij op het verkeerde moment in de geschiedenis is gesticht. Vanuit het standpunt van de Arabische buurlanden te laat, omdat die het bestaan van een door het westen gesteunde joodse staat zien als een vorm van neokolonialisme. En vanuit het standpunt van de eschatologie te vroeg, want het volk van Israël zou pas terugkeren naar het Beloofde Land als de Messias was gekomen.

Holding out hope as bright as it is false – Obama creëert antecedenten WW3

De Amerikaanse president Barack Obama heeft op 30 oktober 2015 verklaard dat hij toch grondtroepen naar Syrië gaat sturen. Te beginnen met een 50-tal commando’s dat naar Noord-Syrië wordt uitgezonden.

Ze moeten daar gerichte operaties tegen ISIS uitvoeren in Syrië en Irak (voor dat laatste zit je in Noord-Syrië dan overigens helemaal niet goed) en helpen om de Irakese stad Ramadi te heroveren.

Hij deed dat ondanks 16 beloftes om dat niet te doen. Of moet je zeggen dankzij, want als een staatsman standvastig is in zijn voornemen om iets niet te doen, waarom moet hij het dan zo vaak ontkennen? Dan is één of hooguit twee of drie keer toch voldoende?

Los van de weifelachtige houding van de president in zaken van oorlog en vrede – hij heeft hier gehandeld in overleg met “militaire adviseurs”, terwijl het een puur politieke beslissing betreft – is dat een ernstige zaak. Door de enkele aanwezigheid van Amerikaanse grondtroepen, wordt er een antecedent gecreëerd voor een militaire confrontatie met de Russische strijdkrachten die het Syrische regime momenteel assisteren in zijn strijd tegen Islamitische Staat.

Of zo’n schermutseling opzettelijk of onbedoeld tot stand komt, doet er niet toe. Het gaat erom dat Obama de voorgeschiedenis van de derde wereldoorlog aan het schrijven is.

In plaats van samen te werken met Rusland door met dat land een coalitie aan te gaan om IS zo snel mogelijk te verslaan, stuurt hij grondtroepen naar een land, waar de Russische luchtmacht dagelijks bombardementen uitvoert. Hij doet dat zonder mandaat van de Verenigde Naties, terwijl Rusland tenminste formeel handelt op verzoek van de legitieme regering van Syrië, die nog steeds door de VN erkend is.

De 50 commando’s zullen gevolgd worden door nieuwe grondtroepen, waardoor de kans op incidenten toeneemt. Op een gegeven moment ontstaat een situatie, waarin het haast wel móet komen tot een “onbedoelde” confrontatie.

Obama maakt het zichzelf met zijn stuurloze koers alleen maar moeilijker, want als de troepen eenmaal in Syrië zijn, is het in de huidige situatie onmogelijk om ze zonder gezichtsverlies weer terug te trekken.

Het is overigens niet zeker dat er niet al lang “boots on the ground” aanwezig zijn in Syrië.

Volgens een artikel van de Sunday Express met titel “SAS dress as ISIS fighters in undercover war on jihadis“, zouden er deze zomer al Britse commando’s van de Special Air Service en de Special Boat Service in Syrië aanwezig zijn. Deze special forces waren aanwezig in Syrië in het kader van de Britse participatie aan de strijd tegen ISIS (“Operation Shader”).

In werkelijkheid zouden ze zich echter als ISIS-strijders verkleed hebben en tegen de troepen van de Syrische regering gevochten hebben. Als Britse commando’s met ISIS meevechten, is het niet onmogelijk dat Amerikaanse special forces dat ook reeds enige tijd doen.
Dat verklaart waarom de bloeddorstige barbaren van ISIS, met nauwelijks getrainde psychisch labiele westerse drop-outs in hun gelederen, het toch zo lang hebben uitgehouden tegen het Syrische beroepsleger.

De Russische president Vladimir Poetin kán vanuit zijn positie niet veel anders doen dan wat hij doet: de omsingeling van Rusland doorbreken en het conflict naar het Midden-Oosten exporteren. Obama verkeert echter in een sleutelpositie, want de Verenigde Staten hebben hun handen vrij. Doordat Obama echter blijft weigeren om zijn historische opdracht uit te voeren, leidt de vredespresident ons gestaag naar de derde wereldoorlog. Ook al zal die waarschijnlijk pas in de (tweede) ambtstermijn van Hillary Clinton uitbreken.

Obama is diep in zijn hart bang, dat als hij in zijn buitenlandse politiek hetzelfde idealisme aan de dag legt, als John Fitzgerald Kennedy deed in de binnenlandse politiek, hem hetzelfde lot zal wachten als zijn illustere voorganger.

Obama werd in 2008 door een sangoma (natuurgenezer) van het zoeloevolk treffend beschreven in het hiernavolgende gedicht:

An actor walks upon the floodlit stage of life
wearing a mask of an angel beneath a demon’s gown.
Pretence smiles upon the crowded hall of life
holding out hope as bright as it is false.
Son of a woman in whose veins flows the blood
of ancient Ireland and dark Africa’s plains.
You are Obama, nick-named the standing king
You are Barack, oh, son born to deceive
The suffering hoards of Africa look up to you,
See a black saviour where nought but a Judas strides.
An entrapper of nations, bringer of dismal war
Behind the robes and the nylon wings of hope
Oh, may those who look upon you, see you as you are.
May those who hope in you behold you as you be
A prince deceitful to bring down Africa’s shrines
A siren who leads Africa’s ships onto rocks of obliteration.
Your rule my lord will not be one of peace
Your reign my king will not be one of smiles
Even as we speak in caves both dark and dank
Enraged fanatics plot your dark demise
They will put around your head a bloodwet martyr’s crown.
Oh black Kennedy following the one before
May God forgive thee and thy fiery spouse
As you walk in silence from the stage of life
Barack Obama, blessed son, Oh standing king.

Barack, oh Barack… You are one of us. Put aside the Ranger, become who you were born to be…